Kanalen/banden (toonregeling)
Gehoorverlies wordt gemeten bij verschillende frequenties (toonhoogten) en is over het algemeen ook per frequentie verschillend. Een hoortoestel kan gehoorverlies compenseren door afzonderlijke versterking van de lage tonen, middentonen en hoge tonen (toonregeling). Hiervoor beschikken de meeste hoortoestellen over meerdere kanalen of banden. In deze kanalen of banden kan de versterking en bewerking van het geluid worden ingesteld op uw individuele gehoorverlies.
Verschillen
Het meest eenvoudige hoortoestel heeft één kanaal dat alle toonhoogten even hard versterkt. Hierin kan het geluid slechts zeer beperkt worden bijgesteld. Toestellen met meerdere kanalen bieden betere en uitgebreidere mogelijkheden om het geluid af te stemmen op uw gehoorverlies. Overigens is een hoortoestel niet beter naarmate het meer kanalen heeft: het oor heeft niet oneindig veel kanalen nodig. Ook hangt het sterk van uw gehoorverlies af wat voor u het meest geschikt is. De meest geavanceerde hoortoestellen hebben maximaal ongeveer twintig kanalen.
Let op
De termen 'kanalen' en 'banden' worden vaak door elkaar gebruikt. Meestal betekenen ze hetzelfde - maar niet altijd. Er zijn namelijk hoortoestellen die over meer banden dan kanalen beschikken. In deze hoortoestellen dienen de kanalen voor het regelen van de compressie en andere eigenschappen, en dienen de banden voor de versterking.
Voordelen
Hoe meer kanalen/banden, hoe nauwkeuriger het geluid kan worden afgesteld op uw gehoorverlies en persoonlijke voorkeur. Heeft u bijvoorbeeld een beter gehoor in de lage tonen dan in de hoge tonen, dan kan het hoortoestel daaraan aangepast worden.
Nadelen
Hoe minder kanalen/banden, hoe minder mogelijkheden om het geluid af te stellen op uw gehoorverlies en persoonlijke voorkeur. Een hoortoestel met weinig kanalen is vooral geschikt voor mensen met een vlak gehoorverlies: ongeveer even veel gehoorverlies in de lage tonen als in de hoge tonen.