Hoortoestellen
Hoortoestellen komen in principe in aanmerking voor (gedeeltelijke) vergoeding.
- Uw eerste aanspreekpunt voor vergoedingen is uw zorgverzekeraar.
- Daarnaast kunt u mogelijk in aanmerking komen een vergoeding van het UWV en de gemeente (Wmo).
- Ook is het eventueel mogelijk om kosten op te voeren als buitengewone uitgaven bij uw belastingen.
Basis voor de zorgverzekering
Vergoeding van gehooraparaten valt onder de basisverzekering.
Voor kinderen tot 16 jaar geldt een medische indicatie (schriftelijke toelichting van het audiologisch centrum) als voorwaarde voor vergoeding. Personen van 16 jaar of ouder moeten meestal een bewijs hebben van de behandelend kno-arts of het audiologisch centrum – tenzij de zorgverzekeraar met een leverancier anders is overeengekomen.
- Er geldt een indicatie voor één hoortoestel bij een drempelverlies op het beste oor van 35 dB gemiddeld bij 1000, 2000 en 4000 Hz én indien het spraakverstaan minimaal 20% verbetert door dit hoortoestel, of:
- Er geldt een indicatie voor twee hoortoestellen als de winst van het spraakverstaan minimaal 10% bedraagt ten opzichte van de aanpassing met één hoortoestel, dan wel het richtinghoren hersteld wordt tot een hoek van 45 graden.
- Ook bijzondere individuele zorgvragen kunnen als indicatie gelden.
Let op: de voorwaarden voor één hoortoestel betekenen het volgende. Als u met één oor heel slecht hoort, maar met uw andere oor een gehoorverlies heeft dat minder is dan 35 dB, heeft u géén recht op vergoeding!
Vergoedingen vanuit de basisverzekering
Vergoedingen voor hoortoestellen
Vanuit de basisverzekering worden in 2010 de volgende vergoedingen voor hoortoestellen (exclusief oorstukjes) verstrekt:
• eerste aanschaf van een hoortoestel: maximaal € 496,50 (in 2009: € 485,-)
• vervanging van een hoortoestel na 5 jaar: maximaal € 496,50 (in 2009: € 485,-)
• vervanging van een hoortoestel dat 6 à 7 jaar oud is: maximaal € 587,50 (in 2009: € 575,50)
• vervanging van een hoortoestel dat meer dan 7 jaar oud is: maximaal € 678,- (in 2009: € 666,50)
• een hoortoestel voor kinderen tot 16 jaar: maximaal € 678,- (in 2009: € 666,50).
• voor een cros-toestel, bicros-toestel of beengeleideruitvoering (hoorbril of hoorbeugel) geldt een extra, aanvullende vergoeding van € 64,- (in 2009: € 62,50).
Als het hoortoestel van uw keuze duurder is dan deze basisbedragen, moet u het verschil zelf bijbetalen. Wel kan het zijn dat u een deel van deze eigen bijdrage weer terug kunt krijgen vanuit uw aanvullende verzekering.
Vergoedingen voor oorstukjes
Oorstukjes gelden als aparte vergoedingspost (los van het hoortoestel). Oorstukjes worden volledig vergoed door de zorgverzekeraar.
Een toeslag voor het verzilveren of vergulden van oorstukjes in verband met allergie wordt eveneens vergoed door de zorgverzekeraar. Wel is dan een voorschrift nodig van een medisch specialist: kno-arts, audioloog of huisarts.
Voor vervanging van oorstukjes gelden de volgende vergoedingsvoorwaarden:
- voor gebruikers jonger dan 16 jaar: het oorstukje mag pas 12 maanden na de verstrekking worden vervangen;
- voor gebruikers van 16 jaar of ouder: het oorstukje mag pas 30 maanden na de verstrekking worden vervangen;
- als een oorstukje niet meer adequaat is (bijvoorbeeld gebroken is of niet meer past), wordt vervanging binnen een kortere periode wel vergoed.
De audicien regelt de vergoeding met uw zorgverzekeraar – op voorwaarde dat de audicien een contract met uw zorgverzekeraar heeft. Vraag dit vooraf na.
Let op! Voorwaarden verzekeraars
Er zijn verzekeraars die, in lijn met hun streven naar kwaliteit, een voorkeursbeleid hanteren of alleen hoorhulpmiddelen vergoeden die zijn aangeschaft bij een geregistreerde StAr-audicien. Dit geldt voor de verzekeraars De Friesland, Univé, VGZ, IZA en Trias. Daarnaast heeft verzekeraar Achmea een voorkeurscontract afgesloten met de keten-audicien Beter Horen. UVIT (Univé, VGZ, IZA en Trias), CZ, Delta Lloyd en OHRA hebben een voorkeurscontract afgesloten met HoorProfs-vakaudiciens. Vragen hierover kunt u stellen aan uw verzekeraar.
Aanvullende zorgverzekering
Het kan zijn dat uw aanvullende verzekering een extra bedrag vergoedt bovenop de basisvergoeding. Kijk hiervoor naar het overzicht bij 'Zoek en kies verzekeraar'. Vraag dit altijd na bij uw verzekeraar en vraag aan uw audicien of vergoeding heeft plaatsgevonden vanuit de basisverzekering of ook vanuit de aanvullende verzekering.
Zakelijk gebruik
Als u een (geavanceerder) hoortoestel nodig heeft om uw werk goed te kunnen uitoefenen, kunt u in aanmerking komen voor een vergoeding van het UWV.
Maatschappelijke noodzaak
Heeft u een hoortoestel nodig voor uw maatschappelijke participatie (bijvoorbeeld om vrijwilligerswerk uit te oefenen of om politiek actief te zijn), dan kunt u een beroep doen op de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Hiervoor moet u bij uw gemeente zijn.
Fiscale aftrekpost
De kosten voor hoorhulpmiddelen zijn onder bepaalde voorwaarden aftrekbaar voor de Belastingen.